Als mensen zijn we raakbare wezens. Juist in relaties en situaties die ertoe doen, worden we getriggerd en raken we onze diepste angsten aan: word ik afgewezen, voldoe ik wel aan de verwachtingen, word ik verlaten, is de ander er nog voor mij?

Dat is zo logisch. En zo menselijk.

Veel mensen denken dat moed betekent dat je geen angst meer voelt. Dat je alles zeker weet, rustig blijft, onaangedaan. Maar dat is een illusie.

De vraag is niet of we angst voelen, maar wat we doen wanneer hij zich aandient.

Vaak schieten we automatisch in overleving. En in het overleven gaan we uit contact, met onszelf en met de ander. We vervallen in gedrag waarmee we onbewust proberen de spanning te laten zakken die we niet kunnen verdragen.

Moed zit niet in de afwezigheid van angst, maar in het moment waarop we durven te vertragen en de angst er even laten zijn. Hem niet alleen laten en hem teder vastpakken, zoals een ouder dat met zijn kind doet.

Dat kan oncomfortabel, pijnlijk of rauw voelen. Maar precies daar verlaten we onszelf niet. En hoe vaker we dit oefenen, hoe steviger de veilige basis in onszelf wordt.

De kern van veilige hechting is het vertrouwen in onszelf dat we spanning kunnen dragen zonder de verbinding te verbreken. Met onszelf, en vanuit daar met de ander.

Categorieën: Uncategorized

0 reacties

Geef een reactie

Avatar plaatshouder

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

nl_NLDutch